De kracht zit in de kleine maat
In ‘Verbeter de wereld’ onderzochten we waar Bosmans’ ideeën vandaag nog leven. Uit gesprekken met economen, filosofen, dichters en ondernemers bleek zijn gedachtegoed verrassend dichtbij: in empathie, zorg voor wie uit de boot valt, aandacht voor wie minder gehoord wordt.
Dirk De Wachter verwijst in het boek naar de filosoof Levinas: ‘het kleine goede helpt de wereld, het grote goede kan het kwaad worden’. Die gedachte bezorgt me nog altijd rillingen. Wie ervan overtuigd is te weten hoe de wereld eruit moet zien, kan heel ver gaan om anderen daarvan te overtuigen. De geschiedenis is bloedrood gekleurd door wat vooraf de nobelste intenties waren.
De kracht van ‘Sta op voor wat telt’ zit voor mij net in die kleine maat. Het hoeft geen oproep te zijn om met vlaggen op de barricaden te gaan staan voor het grote gelijk. Liever niet zelfs. Ik geloof meer in veel mensen die een kleine stap zetten. Een kop soep naar je buurvrouw brengen kan dienstbaarder zijn dan luid roepen dat de wereld helemaal anders moet.
Hij hielp anderen opstaan
Phil Bosmans begreep iets belangrijks: niet alleen wat je zelf doet telt, maar ook hoe je anderen in beweging krijgt om het kleine goede te doen. Hij kanaliseerde het latent aanwezige goede. Duizenden mensen dachten door hem: “O ja, dat kan ik ook.” Hij maakte ‘het goede doen’ haalbaar. Hij hielp anderen opstaan.
Tegelijk was Bosmans veel activistischer dan hoe hij vandaag wordt neergezet. Hij was een vooruitstrevende eenling, iemand die zich niet veel aantrok van wat instituties hem voorschreven. Een luis in de pels. Ik denk dat Bond zonder Naam vandaag opnieuw moet durven zoeken in welke pels die luis nodig is.
Zijn stem was niet polariserend, maar daarom niet minder scherp. Vandaag zou hij al snel in een politiek kamp worden geduwd: woke extreem-links. Dat vind ik problematisch. Opkomen voor empathie, zorgzaamheid en het kleine haalbare goede zou nooit een polariserend standpunt mogen zijn.
Een moeilijk uitroeibaar mededogen
Mijn eigen vorm van het kleine goede is onder meer Het Ventiel, de buddywerking voor mensen met jongdementie. Ik ben er zes jaar voorzitter geweest en zit nog altijd in het Bestuursorgaan. Als zanger en schrijver heb ik een podium. Ik vind het vanzelfsprekend om dat ook te gebruiken voor mensen die minder makkelijk een stem krijgen.
Opstaan voor wat telt zit ook in het sociale weefsel tussen mensen. Toen ik van Amsterdam naar een dorp in Limburg verhuisde, leende ik tijdens de verbouwing de zaagtafel van mijn buurman. Ik bracht ze terug met een fles wijn. Later begreep ik dat ik daarmee de rekening sloot. In een dorp bestaat verbondenheid juist uit kleine openstaande rekeningen. De ene keer leen jij iets van mij, de volgende keer help ik jou. Niet omdat alles vereffend moet worden, maar omdat je deel uitmaakt van elkaars leven.
Ook in mijn songteksten zit engagement. Er loopt bijna altijd een moeilijk uitroeibaar mededogen doorheen. Ik wil daar niet voortdurend met de hamer op slaan. Een lied moet ook speels of tegendraads kunnen zijn. Maar empathie zit zo diep in mijn wereldbeeld dat ze moeilijk te verbergen valt.

Geloven in elkaar
Ik ben niet gelovig en daarin verschil ik van Bosmans. Maar uiteindelijk maakt dat niet zoveel uit. Betekenis geven aan het leven van een ander geeft betekenis aan je eigen bestaan. Daarvoor hoef je niet in God te geloven. Laten we beginnen met te geloven in elkaar. Misschien is dat wel de eenvoudigste manier om op te staan voor wat telt.
Wat ik vooral van Phil Bosmans wil doorgeven is dit: onder alle systemen, instituties en grote ideeën ligt nog altijd de werkelijke wereld. Dat is die kop soep voor de buurvrouw. Die kleine geste waarmee je zegt: “ik ben er voor jou”.
>> BESTEL HIER ONLINE het boek ‘Verbeter de wereld’ (laatste stuks!)
(tekst: Christina van Geel | foto: © Andreas Van Esbroeck)
Download hier de maandspreuk →